woensdag 7 juli 2010

Gisteren en mei






Allowa beste flitspoppers!

Één dag later en er is wederom een bericht. ‘Overdreven’, denkt u allicht.

Wees gerust. Ik zal het kort houden.

Vandaag was weer een feest.

Wakker worden onder een fleeceken én met een donsken tot onder mijn kin na 9uur slaap, is altijd een aangenaam begin van de dag. Het soort begin dat nog 5 minuten moet wachten omdat het te warm en gezellig is om de nacht al achter u te laten.

Buiten was de grond bevroren en hingen de wolken laag boven het meer. Van de bergen die met hun teentjes in het water stonden was dus maar weinig te zien.

Het ontbijt bleek zo’n gezellige bedoening dat het een beetje uitliep. De jongedame die de lodge alleen openhield (we waren ook de enige ontbijtenden) rook ook mooi haar kans om ons nog ontwakende brein open te stellen aan muziek van de Lord Of The Rings soundtrack. De eerste reactie was ‘weg sfeer’, maar eigenlijk was het best gezellig.

Ze was ook echt zo vriendelijk dat het leek alsof ze aan het compenseren was voor een venijnige poets die ze ons gebakken had. Snot door mijn koffie gelepeld ofzo. Aangezien ik nog altijd geloof in de goedheid der mens, ga ik ervan uit dat ze gewoon blij was te leven op deze plaats waar Moeder Natuur duidelijk met de spierballen heeft gerold.

Na ontbijt tijd voor een wandeling naar Lake Sylvan. Mooi, mooi, MOOI. Indien u nog niet jaloers was, beste lezer, wordt het tijd om dat nu te worden. Het wolkendek schoof open en maakte plaats voor een uitzicht over de besneeuwde bergtoppen van Mt. Aspiring National Park die reflecteerden in het water van het meer. En overal die koude stilte.

Een aantal uur later belandden we weer in Qtown. De stad der Nozems. Nergens ter wereld zoveel doelloze twintigers gezien als hier. Ze zijn overal. Rondlopend als iemand die nergens echt naartoe gaat. Momenteel zit ik dan ook met de laptop op de schoot op het bed in het hotel en naast mij leest mijn zusje een boek. Ons mamsie is al aan haar moment van nachtrust begonnen, dus probeer ik niet teveel op mijn toetsenbord te rammen.

Morgen gaan we richting Te Anau en Milford Sound.

Alles gaat goed.

Het verleden. De maand mei.

Mijn waanzinnig slecht geheugen gecombineerd met veel schoolwerk zorgen ervoor dat we hier kort over kunnen zijn.

Er werd gewerkt.

Niet meer dan enkele kleinigheden schieten mij hier te binnen die mijn dagelijkse routine van werken-eten-feestje-slapen-werken doorbraken. Zo ben ik met de dames (Ellen uit Zweden, Vera uit Duitsland, Kim uit Nederland en Virginie uit Canada) gaan ontbijten op Mount Eden terwijl de zon opkwam. Mt Eden is dus trouwens één van de Aucklandse vulkanen die boven de stad uitsteekt en vanwaar je de hele omgeving kan zien.

Naast dat soort van kleine uitstapjes werd mijn flat het middelpunt van een soort sociale buzz. Iedereen begon elkaar beter te leren kennen en daardoor begon het samenleven ook steeds leuker en leuker te worden.

Een avond waarop iemand binnenliep, vroeg of ik mee bosbessencake wou maken, waarna 10 minuten later een stuk of vijf mensen gezellig thee zaten te drinken en te keuvelen in onze flat, gevolgd door het eten van cake, gevolgd door het kijken van een film of twee, het nóg eens maken van eten voor de nachtelijke honger en het in slaap vallen in de zetel, waren meer regel dan uitzondering. Naast die zalige momenten van eindeloze interculturele nieuwsgierigheden en ontdekkingsreizen door het leven van de verschillende rondhangende mensen, waren er lange dagen waarin essays werden geschreven, debatten werden voorbereid, groepswerken werden ineengeknutseld en thesisverslagen uitgewerkt. Oh ja, en dan waren het examens.

Tot daar een beetje van wat ik mij herinner van mei en van vandaag.

Greetings liefste jumbo mosselen!

maandag 5 juli 2010

Queenstown in winter

Gegroet beste homies daar in het Vaderland!

Na verschillende gestrande pogingen is het nu zover! Een nieuw blogbericht! Dat is dus een goede reden om vier zinnen na elkaar een uitroepteken te gebruiken!
U wilt zelfs niet weten hoeveel keer ik al geprobeerd heb iets deftigs ineen te flansen. Het loopt altijd af met mij slapend en het bericht niet gepubliceerd. Daarom dit maal minder gedoe!
JAAAA!

Ondertussen is de situatie niet echt meer dezelfde zoals die was de 25ste april toen ik mijn laatste bericht achterliet. Het semester is ondertussen voorbij en ik ben voor een dikke twee weken op reis doorheen Midden Aarde met Joke en ons Moeke. Vetten tijd!
In de tussentijd heb ik natuurlijk niet op mijn bevallige achterwerk gezeten en niks uitgestoken. Wel integendeel. Het was afgrijselijk druk. En in al die drukte, beste lezers, hebt u een aantal kleinigheden gemist.

Mijn niet echt realistische plan is om de komende weken -tijdens het reizen- een aantal verdwaalde gebeurtenissen weer op te halen. U zal dus niet alleen getrakteerd worden op een (beknopt) reisverslag, maar ook op een aantal van na 25 april. Ik besef het, het is een zéér zot plan! Dat er misschien niks van komt, weten we allemaal, maar laat ons toch optimistisch en vol levensvreugde aan dit spektakel beginnen.


Waar waren we. Ok. Ik zit dus binnen aan de tafel van een ruime, op mijn twee wulpse familieleden na lege keuken + living van een lodge ergens in het Zuiden van de Andere Kant Van De Wereld. Buiten vriest het. Binnen scheelt het niet veel.
De houtkachel in de hoek houdt ons nauwelijks warm en we zitten dan ook allemaal ingeduffeld met meer lagen kleding aan dan Duitsland goals scoorde tegen Argentinië.
The middle of nowhere is waar we rondhangen. Het is Kinloch, niet ver van de Routeburn. Wat voor de rest van het gezelschap nog nieuw en verrassend is, is voor mij een reisje terug in de tijd.

Hier pikken we dus even op waar de laatste berichten ophielden. Wees niet bang!

In de paasvakantie nog werd ik hier na mijn avontuur met Lisette en Chloë op de Routeburn track gedropt door een Australisch koppel. Eerder een Indisch koppel eigenlijk, maar bon. De vrouw was van het Indische gedeelte van de Himalaya, maar vond dit landschap toch nog net ietsje indrukwekkender dan wat ze gewoon was thuis.
Ik zal u weten te zeggen of ze gelijk heeft als ik er ooit kom.

Na Routeburn zou ik beginnen aan een nieuwe 3-daagse tocht. De Greenstone Valley. Het werd zoals altijd een zalig avontuur waarbij ik onder andere een aantal uren snachts wandelde, buiten onder de sterren sliep in mijn slaapzakske, hangbruggen trotseerde over kolkende rivieren en in mijn blote bast vocht met beren, anaconda's, berggorilla's en een zwerm agressieve wespen.

De herinneringen van de laatste wandeldag druppelen juist weer binnen toen het begon te stormen en ik de laatste kilometers tot aan de kniën in het water liep. Zalig. Ik had mijzelf zo uitgesloofd dat ik een six pack begon te ontwikkelen. Maar wees gerust beste konijntjes, dat zou ik NOOIT laten gebeuren.
Terug in de bewoonde wereld ging het via een busrit van 12u weer naar Christchurch alwaar ik in een nieuw boek begon te lezen, sinds lang een deftige koffie dronk en voor het eerst een KFC binnenstapte. Dat was meteen ook de laatste keer.

Ok, weer naar het heden.
Dat was zo erg toch niet he?

Een aantal maanden later zit ik hier dus weer waar het Australische koppel mij afzette. Dit keer ligt er sneeuw op de bergtoppen zoals er van tegenwoordig sneeuw begint te liggen op mijn herinneringen. Jezus, Maria en Jozef ik heb een verschrikkelijk slecht geheugen.

Wat er dus staat te gebeuren is het volgende.
De komende 2 weken zal ik rondcrossen door NZ met de vrouwelijke helft van the family. Na 2dagen Auckland zijn we zo dus vandaag ineens naar het zuiden gevlogen en van hier rijden we weer helemaal terug naar mijn 2e thuis. Onderweg zullen we vele gevaren trotseren. Het zal vermoedelijk epische proporties aannemen en verfilmd worden als we reeds lang onder de grond liggen.

Tot daar dus de eerste episode van de poging tot een nieuw begin 2 weken voor het einde.
Het is nog niet wat het moet zijn, maar er wordt aan gewerkt.

Nu ga ik mijn warmwaterkruik opvullen en genieten van het ontdooien van mijn tenen.

U hoort nog van mij. Hopelijk via de blog, anders in persoon binnen een aantal weken.

Slaapzacht beste salontafels!

zondag 25 april 2010

Het leven zoals het is.

Dag liefste komkommers!


Hoe gaat alles aan het westelijke front?

Er waait nieuws in mijn richting dat het daar een rommeltje is.
Nog geen drie maanden weg en het is al om zeep. Ik hoop voor jullie dat vulkanen stoppen met uitbarsten en België nog bestaat als ik terugkom, anders zou ik wel eens slecht gezind kunnen worden...

Hier kabbelt alles rustig verder. Het was terug een beetje op gang komen deze week.
Toch een aantal kleinigheden die het vermelden waard zijn...

Ik kan u officieel meedelen dat ik hele dagen engels spreek zonder daar nog effectief bij stil te staan. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat de taal een open boek is voor mij. Vaak gaat het er nogal beschrijvend aan toe en wordt er wat naast elkaar gepraat, maar in het algemeen is er dus vooruitgang. Nog een aantal weken en ik zal waarschijnlijk plannen beginnen maken mijn frans uit de vergeetput te halen en wat op te kallefateren. Vooruit is de weg, niet waar?

Een andere spannende gebeurtenis deze week was de komst van de tweede Belg in Nieuw Zeeland. Jawel, er zit er nog eentje. Deze is bevriend met een aantal kerels uit de flats hier en kwam zo op een rustige dinsdagavond mijn kamer binnen gelopen. Het vreemdste was dat ik in al die tijd geen vlaams meer gesproken had (behalve dan tegen mijn pc). Nooit gedacht dat het vreemd zou zijn mijzelf mijn moedertaal te horen spreken. Ik wissel hier nu wel elke dag wat nederlands met de dames uit Nederland, maar dat is nu toch niet echt hetzelfde. Goed, van een kort gesprekje op dinsdag kwam een concertbezoek op woensdag.
Een klassiek concert. De manier om de Nieuw-zeelandse beau monde van dichterbij te bestuderen. En ja, ze zien er overal hetzelfde uit. Zo angstaanjagend gelijkend op de Belgische variant dat ik elke keer verschoot dat ze kiwi-engels spraken en geen frans. Wat ik verder onthouden heb van het concert is dat ik ergens tijdens de tweede beweging van één of ander celloconcert naar het toilet moest, dat ze frisko's verkochten tijdens de pauze (met frisko-etende beau monde tot gevolg) en dat het best wel goed was.
Daarna zijn we nog een Duvel gaan drinken in het belgian beer cafe. Haha, denkt u nu, de Pieter met nen Duvel. En toch was het zo! Meer nog het was zelfs best te drinken. Er werd ondertussen nog wat gekletst over BHV, muziek en redenen om niet langer dan 2 jaar in Nieuw Zeeland rond te hangen.
Daar had ik nu eens nood aan. Nu kan ik weer gezwind verder voor de volgende 3 maanden.

Tot daar mijn avontuur met een Belg.

Aan de unief ging alles vlotjes deze week: hier en daar een interessante les, een achtermiddag in de bib en een koffie die ik niet alleen drink om mijzelf wakker te houden, maar ook omdat ik een fan ben van de Portugese die achter de toog staat en altijd stil maar vriendelijk lacht.

Het was mij onlangs opgevallen dat ik eigenlijk nog niet zoveel van Auckland gezien had, dus ben ik met een geniaal idee afgekomen: ik ga daar verandering in brengen.
En jawel, zaterdagochtend was ik al vertrokken op een queeste door de suburbs van 't stad. Mijn verwachtingen van dat soort toestanden hier zijn in het algemeen al laag: ze houden hier gebouwen zo lelijk mogelijk om de natuur nóg indrukwekkender te maken.
Maar zonnig als Mallorca in augustus wordt zelfs Auckland soms bijna mooi. In het park waren overal rugbywedstrijden bezig en langs alle kanten werd ik geflankeerd door dertigers die zaterdagochtend slaafs hun rondjes lopen om de spekrolletjes te laten verdwijnen. Een grammetje bruine is van tegenwoordig aanvaardbaarder dan een grammetje vet, nietwaar?
Plots botste ik zelfs op een zaterdagse farmers market. Ik had bijna zelfs een brood gekocht dat leek op het brood dat ze verkopen op mijn moederschip aan de aandere kant van de bol, maar toen bleek dat het meer kostte dan een go-pass rit naar de ardennen ben ik maar teleurgesteld afgedropen. In een land dat zijn hele cultuur kopieert, is een woord als 'authenticiteit' nooit goedkoop.
De wijk waarin ik daarna terechtkwam stond in mijn gids beschreven als 'gezellig' en hoewel een belgische auteur eerder 'niet ondraaglijk lelijk' zou gebruiken, viel het naar NZ standaarden best mee. Ook hier hetzelfde fenomeen natuurlijk. De oudjes die ik een aantal dagen daarvoor nog in het concertgebouw frisko's zag eten, zaten nu op de terasjes hun gouden koffie's te drinken.
Ik kon ze niet echt ongelijk geven: het was er het weer voor.
Daarna nog een korte tour door het shoppingdistrict, wat best wel meeviel en dan weer terug naar huis, want ik had nog wel wa anders te doen.

Die avond was het 'gender-bending party'. De gelukkigen onder u met facebook kunnen foto's bewonderen van mij verkleed als een vrouwmens. Het was efkes grappig, maar de nagellak eraf krijgen deze morgen was eerder onaangenaam.

Ok, ik ga afsluiten met een aantal prentjes van het deel van mijn reis in de paasvakantie waar ik nog niks over gezegd heb. Dat was dus meer wandelen. Eerst nog met gezelschap, daarna alleen met mijzelf. Er is het laatste stukje Routeburn en dan de weg naar Greenstone (lotr-kenners herkennen hier Isengard) en dan Greenstone track. De spannende avonturen die ik daar beleefde zal ik live vertellen als ik terug ben.


Tot de volgende en bedankt om een stukje van uw tijd aan mijn blog te besteden!

om chronologisch te volgen, moet ge trouwens weer bij de laatste foto beginnen



























zaterdag 17 april 2010

een teken van leven (II)

Er is weinig herfst in Auckland.
Hooguit wat bomen die hier niet thuis horen vallen uit de toon. De platanen op Symmonds street - tussen mijn kot en de rechtenfaculteit - zijn een van die weinigen die aan een Belgische herfst doen denken.
De rest ziet er nog verdacht zomers uit. Elke dag wordt het ook een beetje meer bewolkt, maar veel regen of kou is er nog niet bij.

Zoals in België was het hier ook 2 weken paasvakantie. Dat kwam goed uit om hier de anarchie wat weg te krijgen. Het duurde nog tot paasmaandag voor de vakantie echt begon, aangezien er nog een prof op het idee was gekomen ons tegen dan een essay te laten schrijven. Ik was op die moment al op reis vertrokken waardoor ik in de jeugdherberg 's avonds nog aan het schrijven was en de volgende morgen mijn essay kon beginnen uittypen in een internetcafé.

Nieuw Zeeland is niet echt de plaats om te gaan citytrippen en mijn 10 dagen verlof zijn dan ook besteed aan een Avontuur door de Wildernis.
Ik heb 7 dagen rondgewandeld in het meest zuidelijke deel van NZ - Fiordland(erg origineel, die kolonialen). De keuze was nogal snel gemaakt, aangezien dat het deel is van NZ dat wereld erfgoed is.

Mijn reis begon in Queenstown. De "adventure capital of the world". De plaats waar bungyjumpen uitgevonden is. Niet echt verbazend als je er eenmaal aankomt. De stad ligt midden tussen de bergen aan een enorm meer. Als je eens zot wil doen, kan je best naar daar gaan. Op het programma staat daar onder andere: black en white water rafting (black water is in grotten), para-gliden, sky diven, mini-golfen, bungyjumpen, 's werelds hoogste rope swing (een schommel die tegen 140km/u door een vallei gaat),kayakken op de zee, speedboot zottigheden, stuntvliegen, canyoning enzovoorts. Meteen ook de verklaring waarom de hele stad vol zit met nozems. Het soort dat eindelijk uit het Lappersfortbos is geraakt en nu besloten heeft iets van zijn leven te maken door in een jeugdherberg te wonen, betaald te worden om daar de bedden op te maken en met het aldus verdiende geld elke twee weken uit een vliegtuig te springen voor de jaren die hem nog resten. Ok, dat klinkt misschien nogal kleinburgerlijk, maar dat kan mij precies niet veel schelen.
Ik had meer mijn zinnen gezet op een serieuze trektocht, dus ben ik niet van dingen afgesprongen met een parachute of zoiets.
Er was daar ook nog dat idiote essay dat geschreven moest worden.
Die dag in Queenstown was mijn eerste Pasen zonder een familiefeest. Vreemd. Het enige waaraan je daar kon merken dat het paasweekend was, was het grote plakaat in de supermarkt voor de drankafdeling "According to NZ law it is prohibited to sell alcohol on Good Friday".





De volgende dag richting Te Anau. Een minuscuul dorp van waar de meeste trektochten in de geburen vertrekken. Dat viel vooral op in de kamers van de jeugdherberg die gevuld waren met de hemelse geuren van natte stapschoenen en bezwete kleren.

Volgende dag begonnen aan de Routeburn track (3 dagen). Als je een beetje van wandelen houdt in deze geburen, is dat één van die tochten die je gedaan moet hebben. De tocht begint meer dan een uur rijden van de bewoonde wereld, maar is zo waanzinnig populair dat je tickets moet kopen om het ding te kunnen doen. Hoewel de hutten meestal goed vol zaten, was de tocht zelf meestal relatief rustig. Als het zo druk was geweest als de Mont St. Michel, was ik waarschijnlijk van een berg gesprongen. Dat was dus gelukkig niet nodig.
Het was nogal snel duidelijk waarom de tocht zo populair was: het bleek daar opvallend mooi te zijn om rond te lopen. De bossen mossig en sprookjesachtig, de uitzichten overweldiggend en de watervallen eerder nat. Overal bergmeren in kleuren van azuurblauw tot zwart en de rivieren zo wild als dat gedoe met die ronde boot in Bellewaerde, zodat je er met van die hangbruggen over moet. Ik denk dat de foto's meer kunnen zeggen dan ikzelf. Om ze in chronologische volgorde te bekijken, moet je wel beginnen aan het einde, dat is een kadootje van de blog. De tocht vertrekt in de vallei, klimt de eerste dag door het regenwoud naar een bergmeer (op de foto's dat felblauwe - rechts van het meer kan je de berghut zien). De volgende dag begint met een steile klim tot boven de boomgrens tot op de top van de berg, waarop een frietkot staat met zeer degelijke bicky burgers. Deze smaken vermoedelijk nog beter vanwege het uitzicht. Hier komen de andere twee hobbits voor het eerst in beeld. Chloë met de roze legging en Lisette met de steen in haar neus. De hele dag loopt verder op de bergflank (op de foto's kan je in de verte de zee zien!) en trekt uiteindelijk de berg over met nog zo'n zot bergmeer, dit keer nogal zwart, weer de berg af.





























































Ok, het duurt eeuwen om hier een prentje op te krijgen. De volgende keer krijg je dus de rest te zien en nog een klein deeltje van de rest van de tocht en een update van de rest van mijn avonturen.

toedeloes, kariboes!

ps: ik weet niet of ik dat al heb laten vallen, maar als je op een prentje klikt, wordt het groter!